Beleid zandwinning
Beleid | Ecologische effecten | Voorwaarden voor zandwinning | Zandwinning in de Noordzee | Terug naar zandwinning
Voor zandwinning in de Noordzee zijn regels opgesteld. Zandwinning mag alleen plaatsvinden op locaties die dieper zijn dan -20 meter. Dichter bij de kust tast zandwinning het kustfundament aan en is daarom niet toegestaan. Partijen die zand willen winnen dienen een ontgrondingvergunning aan te vragen bij Rijkswaterstaat. Daarnaast dient een vergunning vanuit de natuurbeschermingswet aangevraagd te worden bij het ministerie van LNV.
Milieu Effect Rapportage
Voor winningen van een hoeveelheid zand van meer dan 10 miljoen m³ of een oppervlak van meer dan 500 ha moet een Milieueffectrapport (MER) worden opgesteld. Hierin worden de effecten die het zandwinnen heeft op het milieu beoordeeld. Uit het MER blijkt ook wat er nog niet goed bekend is over de effecten. Vaak wordt aan de hand van deze kennislacunes een monitoring en evaluatieprogramma onderdeel gemaakt van de vergunning. Aan de hand van kennis uit dit programma kan dan een opvolgend MER beter opgesteld worden.
Natuurbeschermingswet
Naast een MER moet de zandwinner beoordelen of zijn activiteit geen significante effecten heeft op dierensoorten en habitats die beschermd worden binnen de natuurbeschermingswet. Hiervoor stelt de initiatiefnemer een Passende Beoordeling op waarin de effecten op bijvoorbeeld zeehonden en bruinvissen beoordeeld worden. Wanneer hieruit blijkt dat er inderdaad significante effecten optreden moet hiervoor gecompenseerd worden.
Winning suppletiezand
Wanneer zand gewonnen wordt voor suppletie van kusten wordt in de wetgeving het winnen en suppleren van het zand als 2 losse activiteiten gezien. De effecten van zandwinning en het daarna suppleren van dit zand kunnen elkaar echter versterken. Vooral het effect op doorzicht kan ver van de winning en suppletielocatie nog meetbaar zijn waardoor versterking onderling erg waarschijnlijk wordt. Daarom heeft Stichting De Noordzee nu met Rijkswaterstaat afgesproken dat zij winning en suppletie in de toekomst als één samenhangende activiteit gaan beoordelen. Hiervoor is door Rijkswaterstaat met 4 natuurorganisaties (Stichting De Noordzee, Waddenvereniging, Vogelbescherming en Stichting Duinbehoud) een samenwerkingsovereenkomst aangegaan.




