Aanleiding voor deze oproep is de inzet van staatssecretaris Silvio Erkens tijdens de informele Landbouw‑ en Visserijraad van 3 tot en met 5 mei. In deze bijeenkomst wisselen EU‑landen van gedachten over de toekomst van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid, in het kader van de lopende evaluatie door de Europese Commissie. Wij roepen de staatssecretaris op: pleit daarbij voor volledige en consequente uitvoering van het bestaande beleid, in plaats van het opnieuw openstellen van de verordening.
Het Gemeenschappelijk Visserijbeleid vormt de ruggengraat van het Europese visserijbeheer. Waar het beleid volledig wordt uitgevoerd, leidt het aantoonbaar tot herstel van visbestanden, een gezondere zee en een economisch sterkere sector. Tegelijkertijd laat de praktijk zien dat de doelstellingen van het GVB op veel plekken nog niet worden gehaald, vooral door gebrekkige uitvoering en handhaving.
Geen nieuwe hervorming, maar uitvoering
In de briefing “Laat het Gemeenschappelijk Visserijbeleid niet kopje‑onder gaan” stellen wij, samen met 34 andere nationale én internationale milieu- en visserijorganisaties, dat een herziening van het GVB op dit moment contraproductief is. Een langdurig wetgevingstraject zou leiden tot jaren van onzekerheid, terwijl juist nu snelle en tastbare verbeteringen nodig zijn om overbevissing, biodiversiteitsverlies en sociaaleconomische druk op kustgemeenschappen aan te pakken.
De oproep is helder: dicht de kloof tussen beleid en praktijk. Dat betekent onder meer:
- consequente toepassing van vangstlimieten op basis van wetenschappelijk advies;
- volledige handhaving van de aanlandplicht en de controleverordening;
- eerlijke toewijzing van visserijmogelijkheden, inclusief betere benutting van bestaande instrumenten zoals artikel 17 van het GVB;
- een gelijk speelveld voor EU‑vissers door strengere controle op geïmporteerde visproducten.
Winst voor natuur én visserij
Uit Europese cijfers blijkt dat waar het GVB wél wordt toegepast, zowel ecologische als economische resultaten verbeteren: meer visbestanden binnen veilige grenzen, hogere winstgevendheid en grotere veerkracht van de sector. Tegelijkertijd blijven vooral kleinschalige vissers en kustgemeenschappen kwetsbaar wanneer uitvoering achterblijft.
Volgens Stichting de Noordzee is het daarom cruciaal dat de EU inzet op effectieve implementatie, ondersteund door nieuwe initiatieven zoals de aankomende EU Ocean Act, de herziening van de marktordening (CMO) en een gericht gebruik van EU‑fondsen.
Breed gedragen oproep
De briefing is opgesteld door een brede coalitie van Europese en internationale milieuorganisaties, waaronder BirdLife, ClientEarth, Oceana, Seas At Risk, WWF en Stichting de Noordzee. Samen benadrukken wij dat het bestaande beleidskader sterk genoeg is om de visserij toekomstbestendig te maken – mits het volledig wordt uitgevoerd.
Download de volledige briefing hier.