Stichting de Noordzee

Stichting De Noordzee over veiligheidsregels scheepvaart: “Rapport ILT maakt duidelijk: verbetering is nú nodig.”

18 mei 2020

Afgelopen donderdag bracht de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een onderzoek naar buiten over het naleven van de internationale veiligheidsregels voor het sjorren (vastzetten) en stuwen (laden) van containers. Een van de aanleidingen van het onderzoek is de containerramp met de MSC Zoe in januari 2019. De uitkomsten van het onderzoek werden donderdag door minister Van Nieuwenhuizen aan de Tweede Kamer aangeboden, waarna er direct schriftelijke Kamervragen gesteld zijn door D66 en ChristenUnie. Stichting De Noordzee roept op om dit rapport serieus te nemen en snel stappen te zetten voor een veilige en duurzame scheepvaart.

Twee derde van de zeeschepen volgt veiligheidsregels niet
ILT en Havenbedrijf Rotterdam inspecteerden in het voorjaar van 2019 drie maanden lang steekproefsgewijs zeeschepen in de haven van Rotterdam. Uit dit onderzoek blijkt dat schepen zich vaak niet aan de internationale veiligheidsregels houden. 67% van de onderzochte schepen overtrad de regels. In totaal ging het om 87 overtredingen op 69 zeeschepen - waarvan het grootste deel een containerschip was. De overtredingen verschillen per schip en variëren van minder ernstig tot zeer ernstig. 35 van de overtredingen moesten meteen worden opgelost zodat het schip de zee op kon.

Voorbeelden van deze overtredingen zijn:
● Het niet of onvoldoende vastzetten van de laadruimluiken.
● Het niet of onvoldoende vastzetten van containers.
● Te zware containers voor de plek op het schip.
● Geen of te weinig informatie over het gewicht van containers. Dit is belangrijke kennis voor de stabiliteit van het schip. 
● Gebruik van beschadigde sjormaterialen waar containers mee worden vastgezet.

Het is belangrijk dat de containers goed vast worden gezet wanneer het schip nog in de haven ligt.

Groei containervervoer zorgt voor toename risico’s
Steeds meer goederen die Nederland binnenkomen en verlaten zitten in containers. Containerschepen worden steeds groter en containers worden steeds hoger gestapeld. In een tijd waarin mensen hun spullen zo snel mogelijk thuis willen hebben en de financiële marges voor transporteurs van containers over zee klein zijn, moet er zo efficiënt mogelijk worden gewerkt. Dit zorgt voor tijdsdruk bij scheepsbemanningen en andere betrokkenen. De kans op fouten en tekortkomingen bij het vastzetten van containers neemt hierdoor toe.

En dat levert risico’s op.

Stichting De Noordzee schrikt ervan dat de huidige internationale veiligheidsregels vaak niet worden nageleefd. Als er containers overboord slaan, heeft dat zeer grote gevolgen. Dit bleek op 2 januari 2019, bij de ramp met de MSC Zoe. Alle eilanders en veel mensen vanuit het vasteland waren direct na de ramp betrokken bij opruimacties, maar ook nu, bijna 1,5 jaar later, duren de gevolgen nog elke dag voort. Daarnaast zijn er nog niet genoeg maatregelen genomen om herhaling te voorkomen. Volgens de Kamerleden Schonis (D66) en Van der Graaf (ChristenUnie) zijn de bevindingen in het ILT-rapport onmiddellijk aanleiding om voorzorgsmaatregelen te treffen om ecologisch kwetsbare gebieden te beschermen.

Binnen de scheepvaartsector wordt geregeld gesproken over bovenwettelijke inspanningen en vrijwillige milieu-initiatieven. Helaas toont het onderzoek van ILT aan dat een groot deel van de betrokken containerrederijen zich momenteel niet eens volledig houdt aan de nu al geldende internationale veiligheidsregels. Wij roepen op om dit rapport serieus te nemen en te leren van de ramp met de MSC Zoe. Never waste a good crisis, laten we er samen voor zorgen dat de Noordzee, het grootste natuurgebied van Nederland, schoon en gezond wordt.

Onderzoek naar oorzaak containerramp MSC Zoe loopt nog
In de nacht van 1 op 2 januari 2019 verloor containerschip MSC Zoe 342 containers boven de Waddeneilanden. Maar liefst 3,2 miljoen kilo rommel kwam terecht in de Noordzee en de Waddenzee. Hierdoor lagen onze stranden en dijken bezaaid met plastic spullen en verpakkingsmateriaal. Een groot deel van het afval is inmiddels geborgen, maar er ligt op dit moment nog steeds 800.000 kilo in het water. Dit afval is voornamelijk van plastic, en vergaat niet of nauwelijks. Een ramp van ongekende omvang.

Om de precieze oorzaak vast te stellen, en herhaling te voorkomen, doen het Openbaar Ministerie, de vlaggenstaat Panama en de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) onderzoek naar de ramp met de MSC Zoe. De resultaten van dat onderzoek zijn nog niet naar buiten gebracht. Daarnaast doet Rijkswaterstaat onderzoek naar het verlies van deklading (waaronder containers) en mogelijke beheersmaatregelen om dat risico te verminderen. Ook hebben de vragenstellers in de Tweede Kamer de minister gevraagd of zij al heeft gesproken met de International Maritime Organization (IMO) over de potentiële juridische mogelijkheden om de zuidelijke vaarroute door de Wadden te sluiten voor grote containerschepen bij stormachtig weer.


Foto boven: © OCEANA
Foto rechts: © OCEANA | Juan Cuetos

 

ScheepvaartCover.jpg